0 Reageer

Paarden en penningen

Posted by Co Buysman on 11 februari 2018 in Verslag

Bont als kleur wordt in menig woordenboek als veelkleurig beschouwd. Maar bont in combinatie met paard houdt vaak slechts twee kleuren in. Dan gaat het om witbruin gevlekte dieren of – en dat spreekt ons schakers natuurlijk aan – witzwart gevlekte. Voor de tweede ronde van het Westfries kampioenschap zijn we te gast in Abbekerk, in café-restaurant Het Nieuwe Bonte Paard. Benieuwd hoe de bonte paarden het deze avond doen.
… Lees meer

 
0 Reageer

WFK en Tata: ze lijken op elkaar

Posted by Co Buysman on 31 januari 2018 in Verslag

Waar het Tata Steel-toernooi zondag mee is geëindigd, daar is een dag later het Westfries kampioenschap mee begonnen: een zinderende spanning. Na een serie van onverwachte ontwikkelingen en enerverende tijdnoodduels kan in de speelzaal van Schaaklust uit Andijk rond middernacht de balans worden opgemaakt. De oud-kampioenen Jaap Gorter, Wilko van der Gracht en Marc Helder en het Hoornse talent Nick Manshanden zegevieren, maar op de eerste avond spelen ook de outsiders Eugène Koomen en Lukas Boots een hoofdrol.
… Lees meer

 
0 Reageer

Topper in tweede millennium

Posted by Co Buysman on 10 april 2017 in Verslag

Met het overhandigen van de wisseltrofee aan Peter Holscher moet de succesvolste deelnemer van het Westfries kampioenschap in dit millennium bij de prijsuitreiking naar voren komen. Na 1998, 2000, 2005, 2008, 2011, 2013 en 2014 (met Jaap Gorter en Ronald Ritsema) eindigt de routinier uit Zwaag ook dit jaar bovenaan. Peter weet met acht titels alleen Arie Karreman – tien keer winnaar – boven zich.

… Lees meer

 
0 Reageer

Schaken en supporters

Posted by Co Buysman on 27 maart 2017 in Verslag

Aan een van de muren in de schaakzaal van Het Nieuwe Bonte Paard hangt een mooie spreuk.
Hier,
waar we leven,
lachen en spelen.
Waar we vrienden omhelzen.
Waar we dansen en zingen,
liefhebben en soms ruzie maken.
Waar we huilen en troosten,
waar we veilig zijn en warmte vinden.
Hier
is thuis.
… Lees meer

 
0 Reageer

Schaken voor een miljoenenpubliek

Posted by Co Buysman on 16 maart 2017 in Verslag

Een dik jaar geleden kende het Westfries kampioenschap een primeur. Na zo’n 2500 partijen op een notatieformulier of in een notatieboekje (vanaf het begin in 1934) kon de eerste ronde dankzij het gebruik van liveborden in de hele wereld rechtstreeks worden gevolgd. We zijn terug in de speelzaal van Caïssa-Eenhoorn en andermaal hebben Martijn de Wit en Rinus en Sernin van de Krol er voor gezorgd dat de deelnemers voor een miljoenenpubliek spelen.
… Lees meer

 
0 Reageer

Denker des vaderlands

Posted by Co Buysman on 9 maart 2017 in Verslag

We hebben een nieuwe denker des vaderlands. Tussen de derde en vierde ronde van het Westfries schaakkampioenschap is de keuze gevallen op René ten Bos, hoogleraar filosofie en managementfilosofie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Na Hans Achterhuis, René Gude en Marli Huijer is hij de vierde met de eretitel die eens in de twee jaar wordt verleend.
… Lees meer

 
0 Reageer

Ongehuwde leden schaken bij gehuwde leden

Posted by Co Buysman on 1 maart 2017 in Verslag

Met de derde ronde in Andijk in aantocht ben ik vorige week naar het Westfries Archief gegaan om te kijken of ik iets over gastheer Schaaklust kon vinden. Op de duizenden krantenpagina’s staan diverse verslagen van bondswedstrijden en clubcompetities, maar een jaarboek van de Vereniging Vrienden van Oud Andijk trok vooral de aandacht.
… Lees meer

 
0 Reageer

Zwarte vrijdag bij Aartswoud

Posted by Co Buysman on 20 februari 2017 in Verslag

Op de dag dat Nijntje de geest heeft gegeven, is het zwarte vrijdag bij Aartswoud. Van de acht witspelers die in actie komen, is er slechts één (Peter Holscher) die zal zegevieren. Deze avond kunnen we het aloude adagium ‘wit begint en wint’ begraven.
Er zullen wereldwijd weinig schakers zijn die met zwart een betere score hebben dan met wit. In menig interview wordt door een grootmeester wel eens gemopperd over de indeling bij een belangrijk evenement. Niet zelden speelt hij in de eerste twee ronden met de zwarte stukken en bovendien nog eens tegen concurrenten. Ranglijstbestormer Wei Yi ervoer dat op het Tata Steel-toernooi met Dmitry Andreikin en Levon Aronjan als eerste witte tegenstanders voor de Chinees. Maar ook Viswanathan Anand is in Wijk aan Zee zo wel eens begonnen. Daarom hanteren we op het WFK een eerlijke verdeling: de zwartspelers van de eerste ronde zijn de witspelers van de tweede ronde.
Afgaande op de laatste drie Westfriese kampioenschappen blijkt dat wit bepaald niet domineert. Bij de in totaal 153 gespeelde partijen zijn de verschillen niet groot. De witspeler kwam 55 keer tot winst, zwart boekte 50 zeges en 48 maal was remise het resultaat. Veel halfjes werden pas na een verwoede strijd veroverd. Dat is ook tijdens deze tweede ronde het geval. Na anderhalf uur hebben vier witspelers (Piet Aardenburg, Robbert van Dijkhuizen, Dirk Lont en Toine Molenaar) al zo’n dertig minuten minder op de klok dan hun opponenten tegen Piet Reus als enige zwartspeler met een grote tijdsachterstand. Maar laten we niet te veel in zwartwit denken en meer naar de kleuren zoeken.
In Het Huis van Egmond wordt sinds mensenheugnis gastvrijheidheid met de hoofdletter g geschreven. De ontvangst is als altijd hartelijk, het rondje koffie komt eraan, tot de deelnemers aan de clubcompetitie behoren talrijke clubgenoten, oud-clubgenoten, stadgenoten en oud-stadgenoten, openingsgenoten en oud-openingsgenoten (Engels en Bird) en er wordt niet eerder aan een partij begonnen dan na het maken van een praatje.
Mede-schaakhistoricus Rob Bijpost verrast mij met een aantal exemplaren van ‘Schaak’, na de Tweede Wereldoorlog zo’n twintig jaar het mededelingenblad van de Noordhollandse Schaakbond. Zo kom ik in het nummer van juni 1967 de naam van Jan Stapel tegen. Nu routinier van schaakclub Aartswoud, toen aanstormend talent. ,,Een verrassing was Stapel van Aartswoud. Hij won aan de lopende band en moest slechts tegen Janssen het onderspit delven’’, is te lezen in het verslag van het NHSB-kampioenschap voor de sterkste jeugdspelers. Marcel Janssen (HWP) verovert met 4½ punt – zeven ronden – de titel, Jan Stapel legt met vier punten beslag op de tweede plaats. Beiden kunnen overigens niet aan het Nederlands kampioenschap meedoen, omdat ze te oud zijn als dat evenement een half jaar later plaatsheeft. Op het WFK werken we niet met leeftijdsgrenzen en krijgt Jan de gelegenheid om net als een halve eeuw geleden aan de lopende band te winnen.
Maar er loopt in de speelzaal van Aartswoud wel een Nederlands kampioen rond. Louis Schilder: kastelein, kolfspeler en kampioen. Schaakclub Aartswoud is een van de weinige schaakverenigingen met een clubblad en de voorpagina van het laatste nummer wordt gesierd met een verslag van het in kolfmekka Zuid-Scharwoude gehouden NK, inclusief een foto van de winnaar. Louis is al jaren de gastheer voor de Aartswoud-schakers die hun partijen spelen op de kolfbaan van Niet Klappen, de club van de kersverse titelhouder. Hij schaakt zelf niet, maar is wel begaan met de sport en de schaakclub. Zo regelde hij vorig seizoen, waarin Aartswoud in de landelijke competitie debuteerde, een spelersbus voor de uitwedstrijden. Zo kun je stellen dat hij in de voetsporen treedt van Willem Tensen (1862-1931). De kastelein uit Schellinkhout is de eerste Nederlands kampioen kolven (129 punten; 45 plus 44 plus 40). Ter vergelijking: Louis Schilder kwam tot een totaal van 164 punten, via scores van 55, 57 en 52. Willem Tensen schaakte wel. Eerst bij de Hoornsche Dam- en Schaakclub, later bij Caïssa waar hij het eerste erelid is.
We eindigen dit inleidend verhaal met een uitspraak van Louis die na afloop van het voor hem zo succesvol verlopen Nederlands kampioenschap kolven werd geïnterviewd. Toen de verslaggever hem vroeg naar zijn geheim, zei Louis: ,,Je ken het zo, maar je leert het nooit.’’ En misschien is dat ook wel van toepassing op het schaken.

Robbert van Dijkhuizen (1835) – Ronald Ritsema (2071) 0-1
Robbert van Dijkhuizen is de enige van de vijf debutanten die in de eerste ronde tot winst is gekomen. Zijn strijd tegen titelverdediger Ronald Ritsema begint eigenlijk drie avonden eerder, want in de 22e ronde van de clubcompetitie van Caïssa-Eenhoorn zaten de twee ook tegenover elkaar. Met zwart hield Robbert de ranglijstaanvoerder op remise. Opvallend in die partij waren de liefst dertien paardzetten van hem tussen de dertiende en 32e zet.
In de speelzaal van Aartswoud wordt aanmerkelijk minder gesprongen. Vanuit het Konings-Indisch gaat de topper – weer – gelijk op. Met 14. … f5 opent Ronald de schermutselingen op de koningsvleugel. Na een ruil van enkele lichte stukken en pionnen kijkt wit tegen een isolani op f4 aan. Mede door een aantrekkelijke open e-lijn heeft zwart een iets betere stelling. Na torenruil kan de witspeler de g-lijn openen en dan beschikt hij over een licht voordeel. Zwarts geïsoleerde f5-pion is een mogelijk doelwit en wellicht ook de achtergebleven pion op c7. Een verschrikkelijke damezet, waarmee Robbert het stuk verliest, maakt plotsklaps een einde aan de Hoornse derby.

Peter Holscher (1913) – Piet Reus (1812) 1-0
Uit de laatste vijf – vanaf 2005 – WFK-confrontaties tegen Piet Reus heeft Peter Holscher vier punten gepeurd: driemaal winst, twee remises. Hij start dan ook als favoriet in deze tweederondepartij en maakt die rol waar.
Réti komt op het bord van de routiniers. Op de grens van opening en middenspel wint wit met een kleine combinatie de ene centrumpion, terwijl de andere een eenzaam soldaatje wordt.
Na twintig zitten al komt het eindspel in zicht. Beiden hebben de dame, een toren en een licht stuk. Peter, die in zijn ‘thuiszaal’ regelmatig clubgenoten als supporters bij het bord ontwaart, verovert een tweede pion en begint aan een lange zit om het partijpunt veilig te stellen. Want Piet verdedigt hardnekkig en dwingt zijn opponent tot alert spel. Zijn toren op de open h-lijn en de zwartveldige loper kunnen bijvoorbeeld meewerken aan een mat achter de paaltjes.
De witspeler heeft evenwel controle over het belangrijke e1-verdedigingsveld en na vereenvoudiging van de stelling via torenruil gebruikt de Aartswoud’er zijn inmiddels overtuigende pionnenmeerderheid om zijn tweede partijzege in de wacht te slepen.

Jaap Gorter (1893) – Jan Stapel (1799) 0-1
Twee jaar geleden was de partij Jaap Gorter – Jan Stapel een onderdeel van een knappe tussensprint van de Schaaklust-troef die zo een slechte start – nul uit twee – wegpoetste en terugkeerde naar de omgeving waarin hij thuishoort. Maar ditmaal zit ook zijn opponent in de bovenste regionen van het nog prille Westfries kampioenschap en is op de eigen clubavond van plan zich daar te handhaven.
Het wordt een boeiend gevecht, waarin pas op de twintigste zet de eerste pion van het bord verdwijnt. Alle stukken richten zich op de koningsvleugel. Na een pionruil valt de g-lijn half open en voert wit de druk op. Met een iets meer aanvallende opstelling staat Jaap goed, maar hij zet het offensief te vroeg in in plaats van dat extra te ondersteunen. Dat kost hem een pion op f6 die tevens een toren op g7 verdedigt. Jan heeft ondertussen een sterke verdediging opgebouwd en creëert scherp tegenspel. Als wit de toren offert, is het snel gebeurd. De Aartswoud-speler is de baas op de g-lijn, dreigt met mat op g2 en kan daarom veel materiaal winnen. Zo ver laat Jaap het niet komen.

Dirk Lont (1751) – Jeroen Graaf (1726) ½-½
Voor de tweede keer dwingt Jeroen Graaf een hoger gerate opponent een gelijkspel af. Met twee remises is de KTV-debutant nog steeds ongeslagen.
Was het in de eerste ronde tegen Jasper Seelemeijer vechten voor de winst, tegen Dirk Lont is het vechten om overeind te blijven. Weer speelt Jeroen, qua zetten, de langste partij van de avond en hij heeft er inmiddels in totaal 132 uitgevoerd.
Het evenement mag voor Dirk nu al geslaagd worden genoemd, want zijn doelstelling is revanche voor de belabberde score van een jaar geleden. Hij heeft na twee ronden een half punt meer dan vorig seizoen in het hele kampioenschap. Toch zal hij niet helemaal tevreden zijn over zijn tweede partij. Nog in de opening voert hij een dubbele dame-aanval op de b7- en d5-pion uit. De eerste sneuvelt, waarmee een lange strijd begint om het voordeeltje te verzilveren.
Na een massale afruil blijven voor beiden lopers van ongelijke kleur en een paard over. Het extraatje van de Caïssa-Eenhoorn-speler is zijn vrijpion op de a-lijn. Jeroen bestrijkt de zwarte velden, terwijl zijn paard in bepaalde fases belangrijke velden van de witte koning ontneemt. Als langzamerhand ook de klok een rol gaat spelen, wordt het er voor Dirk niet gemakkelijker op. Zijn vrijpion haalt a6, maar komt niet verder. De KTV’er kan de paarden ruilen en weet dan zeker dat de remise hem niet zal ontglippen.

Jasper Seelemeijer (1837) – Fred Avis (1842) ½-½
Jasper Seelemeijer en Fred Avis hebben in de historie van het Westfries kampioenschap één keer eerder tegen elkaar gespeeld. In de slotronde van de 2014-editie staat de partij op het programma, maar Jasper is verhinderd en Fred weigert een reglementair punt in ontvangst te nemen. Omdat ook de partij Jaap Gorter – Peter Holscher wordt verplaatst, treffen de vier elkaar een paar weken na de zevende ronde in Bovenkarspel. Na een dame-offer van zijn opponent bereikt de voorzitter van Caïssa-Eenhoorn – op zijn verjaardag – een winnende stelling, als zijn mobiele telefoon afgaat. Het is nu Jasper die weigert om een reglementair punt in ontvangst te nemen. Vervolgens gebeurt er van alles op het bord en aan het einde van de avond zijn ze alletwee een half punt rijker.
In Hoogwoud gaan beiden op herhaling. Niet alleen met de uitslag, want weer gebeurt er van alles. In het Hollands-Peruaans Gambiet (te danken aan Lodewijk Prins en Esteban Canal) offert wit een pion voor ontwikkelingsvoorsprong. De zwarte stukken staan compacter, maar er wordt het een en ander geruild en het doorschuiven van de e-pion door Fred is een goed plan. Het stelt hem in staat om een paard hinderlijk in de witte stelling te plaatsen. Zwart verliest echter plotseling door een paardvork de kwaliteit en trekt in de tijdnood van zijn opponent een blufzet uit de la: 32. … f5. Jasper slaat de pion niet en geeft – bijkans verplicht – de kwaliteit terug om allerlei dreigingen weg te nemen. Het materiële evenwicht wordt hersteld en dat blijft, wanneer na een afruil een toreneindspel ontstaat.

Piet Aardenburg (1795) – Sido Quarré (1649) ½-½
Net als zijn clubgenoot Jeroen Graaf kan Sido Quarré als zwartspeler flink aan de bak om Piet Aardenburg naast zich te houden. Dat lukt, waardoor de KTV-debutant – overigens net als zijn opponent – van de nul af is en het eerste succesje binnenhaalt.
Zwart moet in de verdediging, als hij te snel … f5 speelt. Er ontstaan wat gaten in zijn defensie, al steekt wit heel veel tijd in de zoektocht naar de beste zetten die er wel komen. Piet neemt (tijdelijk) de diagonaal a1-h8 in bezit, de half open e-lijn is voor hem en de druk op de Enkhuizer stelling neemt forse proporties aan. Maar de klok tikt door en de zwartspeler heeft zijn stukken toch op aardige velden geplaatst, waarmee hij afdwingt dat de Caïssa-Eenhoorn-vertegenwoordiger niet direct een plan kan vinden om door te stoten. Met zetherhaling wordt vervolgens de vrede getekend.

Toine Molenaar (1676) – Rob Bijpost (1786) 0-1
Aartswoud is met een grote ploeg actief op dit Westfries kampioenschap en dat maakt de ronde in de eigen speelzaal er heel aantrekkelijk op. Er staan tevens dertien partijen voor de clubcompetitie op het programma en regelmatig verlaten spelers hun stoel om te kijken hoe de clubgenoten het doen. Extra aandacht is er voor Toine Molenaar – Rob Bijpost, twee Aartswoud’ers die in een onderling duel op jacht gaan naar hun eerste WFK-punt.
Toine is de jongste deelnemer in het zestienhoofdige gezelschap en bemerkt dat ervaring een belangrijk pluspunt kan zijn. Tegen Rob, voorzitter van de vereniging, bouwt hij een goede stelling op. Wit wil de spanning er lang in houden en voert via de open d-lijn de druk op. Het aanvalsplan klopt echter niet. Een stevige afruil eindigt met een paardzet en dan blijkt dat het stuk geen vluchtvelden heeft. In het eindspel kost het de zwartspeler weinig moeite om zijn voordeel vast te houden. Hij controleert de zwarte velden, waardoor het witte paard min of meer buitenspel staat. In tijdnood verspeelt Toine ook nog eens zijn toren en laat het eerste WFK-punt langer op zich wachten.

Eugène Koomen (1430) – Lukas Boots (1762) 0-1
In de beginfase van het Westfries kampioenschap belandt Lukas Boots van het ene uiterste in het andere. Met Peter Holscher als eerste opponent begon hij het evenement tegen een titelkandidaat, in de tweede ronde zit Eugène Koomen als speler met de laagste rating tegenover hem.
De vlam slaat al snel in de pan. Zwart wint aan het einde van de opening een pion, maar verzuimt door te drukken. Met scherp spel dwingt de GZ-debutant de veelvoudig clubkampioen van De Pionier om ook aandacht te besteden aan zijn verdediging en hij verovert de pion terug. Snel daarna mist Eugène echter de beste voortzetting. Zijn dame staat wat ongelukkig – in de penning – op de open e-lijn en het lukt hem niet haar uit de precaire positie te bevrijden.
Met een stuk achterstand gaat wit op weg naar het eindspel. Lukas maakt geen haast, versterkt zijn stelling en krijgt de felicitaties, als de witspeler door een dameschaak zijn toren zal verliezen.

 
0 Reageer

Groene vijf bij De Groene Zes

Posted by Co Buysman on 13 februari 2017 in Verslag

Met 1 titelverdediger, 2 spelers van KTV (de Enkhuizer club is terug in het deelnemersveld), 3 oud-kampioenen, 4 herintreders, 5 debutanten en 6 verenigingen die vertegenwoordigd zijn, begint het Westfries schaakkampioenschap. In de speelzaal van De Groene Zes zijn er 7 winnaars en de achtste partij eindigt in remise. We spelen op 9 februari en het inschrijfgeld bedraagt 10 euro.
… Lees meer

 
0 Reageer

Westfriese titel voor Ronald Ritsema

Posted by Co Buysman on 20 april 2016 in Verslag

In een zware tweede barragepartij is Ronald Ritsema erin geslaagd zich voor de tweede maal in zijn schaakcarrière tot Westfries kampioen te kronen. Peter van Waert – die de eerste had verloren – dwingt hem tot een uiterste krachtsinspanning, maar moet genoegen nemen met remise.

… Lees meer

 
0 Reageer

Ronald Ritsema komt op 1-0

Posted by Co Buysman on 13 april 2016 in Verslag

De eerste barragepartij om de Westfriese titel is een prooi geworden van Ronald Ritsema. Met wit verslaat de clubkampioen van Caïssa-Eenhoorn in de speelzaal van zijn eigen vereniging Peter van Waert in 75 zetten.

… Lees meer

 
0 Reageer

Barrage voor oud-kampioenen

Posted by Co Buysman on 12 april 2016 in Verslag

Net als een jaar geleden krijgt het Westfries kampioenschap een verlenging. Ronald Ritsema en Peter van Waert, de koplopers na zes ronden, winnen hun laatste partij en houden daarmee vijf concurrenten op afstand. Beide titelkandidaten gaan in een barrage uitmaken wie de eindzege pakt. De Westfriese kampioenen van 1991 (Peter) en 2014 (Ronald) spelen de beslissingstweekamp op 12 en 19 april bij Caïssa-Eenhoorn.

… Lees meer

 
0 Reageer

Dimitri en Nick

Posted by Co Buysman on 4 april 2016 in Verslag

Is het toeval dat de KNSB en de KNSB op elkaar lijken? Schaatsen en schaken, de jeugd leert het met vallen en opstaan. De jongste deelnemer aan het Westfries kampioenschap is Nick Manshanden, een van de grootste talenten van Caïssa-Eenhoorn, Westfriesland en daarbuiten. Toch kan hij op dit evenement zijn stempel niet drukken.

… Lees meer

 
0 Reageer

Schrijf de leeftijd van een schaker niet af

Posted by Co Buysman on 23 maart 2016 in Verslag

Schrijf de leeftijd van een schaker nooit af! Op de dag dat in het kandidatentoernooi in Moskou Viswanathan Anand – als absolute wereldtopper toch regelmatig afgeschreven – een van de koplopers (Levon Aronjan) verslaat, doet Peter van Waert hetzelfde in de vijfde ronde van het Westfries kampioenschap. En net als de oud-wereldkampioen uit India telt de oud-Westfries kampioen uit Hem volop mee in de race om de eindzege.

… Lees meer

 
0 Reageer

Twee, drie, vier…

Posted by Co Buysman on 13 maart 2016 in Verslag

Na twee ronden zijn er twee koplopers, na drie ronden staan drie man aan de leiding en nu, na vier ronden, delen vier spelers de eerste plaats. Het is voor de organisatie van het Westfries kampioenschap niet te hopen dat die lijn op de resterende drie avonden wordt voortgezet, want dan ontstaat er een probleem. Bij gelijk eindigen volgt namelijk een barrage.

… Lees meer

 
0 Reageer

Dokter Woelinga is Rob Bijpost

Posted by Co Buysman on 28 februari 2016 in Verslag

De Westfriese titelstrijd behoort tot de oudste schaakkampioenschappen van Nederland. Over de historie is veel bekend dankzij het in 1998 verschenen boek van Rob Bijpost. We zijn bezig aan de 66e editie en voor de derde ronde is de auteur de gastheer, want die wordt bij zijn club Aartswoud gespeeld.

… Lees meer

 
0 Reageer

Jaap Gorter: Mister Westfries

Posted by Co Buysman on 17 februari 2016 in Verslag

In de sportwereld levert een langdurig dienstverband de mister-titel op. Niet te verwarren met de meestertitel bij ons schakers. Maar Sjaak Swart, Coen Moulijn en Willy van der Kuijlen worden door de oude voetballiefhebbers nog altijd Mister Ajax, Mister Feyenoord en Mister PSV genoemd. En wij hebben Jaap Gorter, Mister Westfries.

… Lees meer

 
0 Reageer

Reglement Westfries Schaakkampioenschap 2016

Posted by Co Buysman on 6 februari 2016 in Reglement

Reglement Westfries Schaakkampioenschap

(versie januari 2016)

Artikel 1
Dit wedstrijdreglement geldt voor het Westfries Schaakkampioenschap.
De organisatie, momenteel Co Buysman en Nico Weel, verzorgt jaarlijks het toernooi met medewerking van de westfriese schaakverenigingen (beschikbaar stellen locatie) en van Nancy Mozer (websitebeheer) www.westfriesschaken.nl.

Artikel 2
Aan de wedstrijden om het Westfries Schaakkampioenschap kunnen spelers deelnemen die lid zijn van een Westfriese Schaakvereniging (afgevaardigde speler moet geregistreerd zijn bij de bond; minimale kosten ratinglid € 7,5). Iedere club mag in ieder geval 1 speler afvaardigen, daarnaast is er de mogelijkheid voor sterke spelers om ook mee te doen. Ieder jaar worden de richtlijnen hiervoor in de uitnodiging aan de clubs weergegeven. De tweede speler zou als richtlijn minimaal een rating van 1700 moeten hebben.

Plaats                     Vereniging            Speelavond

Abbekerk                De Pionier              Donderdag

Andijk                     Schaaklust             Maandag

Bovenkarspel           De Groene Zes      Donderdag

Enkhuizen               K.T.V.                    Vrijdag

Hoogkarspel           Torenhoog             Maandag

Hoogwoud              Aartswoud              Vrijdag

Hoorn                     Caïssa-Eenhoorn    Dinsdag

Nibbixwoud            Attaqueer               Vrijdag

Wervershoof           Revanche                Dinsdag

Westwoud              Degoschalm            Maandag

Artikel 3
Gespeeld wordt volgens de ‘Regels voor het schaakspel, vastgesteld door de wereldschaakbond (FIDE)’, in de officiële Nederlandse bewerking, uitgegeven door de KNSB, laatste uitgave, tenzij in dit reglement anders is bepaald.
In het speellokaal dient een exemplaar van het FIDE-reglement, evenals van dit wedstrijdreglement aanwezig te zijn.

Artikel 4
De leiding van de wedstrijden berust bij de organisatie. Deze zorgt voor de handhaving van het wedstrijdreglement en bevordert een ordelijk en vlot verloop van de wedstrijden.

Artikel 5
In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de wedstrijdleiding.
Artikel 6
De wedstrijden worden volgens het Zwitsers systeem en de daarbij horende reglementen gespeeld. Deze rating wordt ontleend aan de laatste door de KNSB uitgegeven ratinglijst.

Artikel 7
Er worden zeven ronden gespeeld. Het speeltempo is 100 minuten voor de partij met een toevoeging van 10 seconde per zet.

Artikel 8
Indeling van de ronden 1 t/m 3 vindt plaats op grond van rating, de overige ronden worden ingedeeld op grond van weerstandspunten. De wedstrijdleider is gerechtigd voor de 1e ronde een afwijkende indeling te maken.
Het spelen op een andere dan in de aankondiging van de wedstrijden vastgestelde speeldatum kan bij hoge uitzondering worden toegestaan (ziek is in principe een nul).

Artikel 9
Prijzenverdeling:

Een gedeelde eerste plaats wordt voor 2 personen een barrage (over 2 partijen met alternerende kleuren, eerste barragepartij verwisselde kleur tov. toernooi of loting), indien geen beslissing, dan wordt er net zo lang gespeeld met verwisselde kleuren totdat er een beslissing valt. Indien meer dan twee winnaars, barrage in overleg.

 

De overige plaatsen in de eindrangschikking worden bepaald door:
1. de behaalde wedstrijdpunten;
2. in geval van gelijk eindigen zijn weerstandspunten beslissend;

3. indien weerstandspunten niet beslissend, dan Sonneborn-Berger punten;

4. vervolgens TPR;

5. loten.

Artikel 10
De winnaar verwerft de titel ‘Westfries Schaakkampioen’.
Er zijn 3 bekers beschikbaar.
De kampioen(en) hebben het recht hun titel volgend jaar te verdedigen.
Revisie januari 2016

Artikel 2 : KNSB ratinglidmaatschap is € 7,5 ipv. € 5.

Artikel 7 : aanpassing speeltempo, wordt 100 min voor de gehele partij met een toevoeging van 10 seconden per zet. Dit was 36 zetten in 1½ uur, daarna 30 minuten voor de rest van de partij.

Artikel 8 : verwijdering van de volgende tekst; , mits de partij vooruit wordt gespeeld en de tegenstander ermee akkoord gaat. Ronde 1 t/m 5 mogelijkheid tot vooruit spelen (hoge uitzondering achteraf). Ronde 6 en 7 alleen vooruit spelen mogelijk en alleen wanneer dit bij opgave is aangegeven. Ronde 7 is de laatste speelavond! (uitgezonderd barragepartijen).

toevoeging van de volgende tekst; ziek is in principe een nul.

Artikel 10 : verwijdering van punt 2 ; onderling resultaat.

 
0 Reageer

Ontspanning door inspanning in Zwaag

Posted by Co Buysman on 3 februari 2016 in Verslag

Hoeveel partijen zijn er op het Westfries kampioenschap sinds het begin in 1934 gespeeld? Het zullen er waarschijnlijk meer dan 2500 zijn. De eerste ronde van dit kampioenschap kent een primeur. Die is wereldwijd, van Australië tot Noorwegen en van de beide Korea’s tot de beide Amerika’s, te volgen. Dankzij de liveborden van Caïssa-Eenhoorn.
… Lees meer

 
0 Reageer

Lourens van Veelen schaakkoning van Westfriesland

Posted by Co Buysman on 22 april 2015 in Verslag

Het heeft wel wat, zo’n schaaktweekamp. In het huidige millennium komen barrages als ontknoping van het Westfries kampioenschap zelden voor. De eerste was in 2013 en nu, twee jaar later, weer een. Lourens van Veelen is daarin te sterk voor Piet Reus en verovert zijn eerste Westfriese titel.
Schaaktweekampen zijn in Westfriesland sowieso een zeldzaamheid. Ter overbrugging van twee seizoenen heb ik in een alweer ver verleden zelf tweemaal tegen clubgenoot Frank Tieken gespeeld. De eerste match had plaats in de zomer van 1999. Een paar maanden eerder zaten Adri Haakman en Wilko van der Gracht tegenover elkaar om om de Westfriese titel te strijden. Met zes punten waren ze gelijk geëindigd. Na liefst 175 zetten viel de beslissing. De eerste barragepartij, door Adri gewonnen, telde 101 zetten. Wilko zegevierde in de tweede en daardoor moesten ze nog een derde partij spelen. Adri – die zwart had geloot – sloeg andermaal toe en kroonde zich zo tot kampioen. Frank en ik keken in onze tweekamp ook niet op een zet meer of minder. Die ging over maximaal zes partijen. Na de vijfde had Frank een 1-4 voorsprong genomen en in totaal deden we 306 zetten; een gemiddelde van 61 per partij. Drie jaar later volgde een revanche en werd het 4-2 in mijn voordeel.
In de jaren negentig hebben Ardjan Langedijk en Mark van Ojik – twee oud-WFK-deelnemers – verschillende matches gespeeld. Beiden zijn als schaaktalenten uit Venhuizen bij HSV De Eenhoorn terecht gekomen en in een clubblad uit 1997 staan verschillende partijen van hun derde tweekamp die door Ardjan werd gewonnen.
Vrijwel alle kampioenschappen en toernooien doen het, bij gelijk eindigen, zonder beslissingsmatches. In de meeste reglementen staat dat in dat geval naar weerstandspunten, de Sonneborn-Berger-score of de TPR wordt gekeken. Het Westfries kampioenschap is daarom een zeldzaam evenement en dat moeten we maar zo houden.
De historie van het Westfries kampioenschap telt inclusief die met Lourens van Veelen en Piet Reus veertien barrages. In 1941 had de eerste plaats. Er waren vier deelnemers: Bos (A-Z, Medemblik), David (KTV, Enkhuizen), Dekker (Schaaklust, Andijk) en Keetbaas (Caïssa, Hoorn). Zij speelden tweemaal tegen elkaar, op Hemelsvaartsdag, tweede pinksterdag tijdens de Westfriesche Schaakdag en de zondag erop. Bos en David behaalden 4½ punt. Onderling werd het winst en verlies en Dekker hield beiden op remise. De beslissingswedstrijden werden een lange zit. Steeds verloor de witspeler. Pas de vijfde bracht de beslissing, ten gunste van Bos. Een bericht over de uitslag stond onder anderen in De Standaard van dinsdag 8 juli 1941, een antirevolutionair dagblad uit Amsterdam.
Ook in 1942 was er een toegift die door Noë (Aartswoud) ten koste van Dijkstra (Schaaklust) werd gewonnen. Na de Tweede Wereldoorlog trok het Westfriese kampioenschap tot en met 1968 zes spelers. Het halve deelnemersveld had in 1952 3½ punt, waarna Gutter (Schaaklust) in de driekamp David en Zwier (KTV) achter zich hield. In 1971 prolongeerde Arie Karreman (KTV) zijn titel door in twee extra partijen Kooiman (Schaaklust) te verslaan. Rein van der Veen (KTV) en Bert Meester (Caïssa) moesten in 1979 drie keer aan de bak om een beslissende uitslag, ten gunste van Van der Veen, te realiseren. Twee jaar later viel het kwartje beter voor Bert Meester die in een barrage Arie Karreman met 2-0 versloeg, waarna het seizoen erop de KTV’er met dezelfde uitslag revanche nam. Dimitri Reinderman (Caïssa), de huidige grootmeester, won in 1987 twee barragepartijen van Jaap Gorter (Schaaklust) en in 1988 presteerde Rob Bijpost (Aartswoud) hetzelfde tegen Adri Haakman (KTV). Jaap Gorter op zijn beurt trok in 1992 een tweekamp naar zich toe, ten koste van Arie Karreman.
Drie vertegenwoordigers van De Eenhoorn eindigden in 1994 gelijk: Wilko van der Gracht, William de Wit en Jerrel Thakoerdien. Dat werd ook de volgorde in de barrage. Minder succes had Wilko van der Gracht in de tweekampen van 1999 en 2013, waarin respectievelijk Adri Haakman en Peter Holscher (Caïssa-Eenhoorn) te sterk waren. En dat brengt ons dan bij het toetje van het Westfries kampioenschap van 2015.

Piet Reus (1859) – Lourens van Veelen (1862) 0-1
Van het Engels via het Frans naar het Siciliaans. Voor hun derde WFK-partij – de eerste twee eindigden in remise – leggen de twee titelkandidaten de meeste gebruikte opening op het bord. In het vroege middenspel pakt Lourens zijn eerste voordeel door een centrumpion te veroveren. Via een ruil van dame en enkele lichte stukken verliest Piet zijn e4-pion. Even later blijven alle torens over alsmede lopers van ongelijke kleur en heeft zwart een sterke pionnenstructuur opgebouwd. Hij verdubbelt zijn torens op de open c-lijn. Wit kan weinig doen en na torenruil zorgt de KTV’er ervoor dat zijn koning de baas is over een vrijpion op de a-lijn. Hij speelt echter in de tweede tijdfase zijn d-pion te vroeg op en plotseling zijn er remisemogelijkheden voor zijn opponent. Die verdwijnen even snel, als Piet zijn monarch naar een verkeerd veld stuurt. De Andijker vorst komt klem te zitten tussen zwarte pionnen en eigen stukken en wit moet materiaal geven om een vluchtveld te creëren. Dat staat gelijk aan verlies van de partij.

Piet Reus (1859) – Lourens van Veelen (1862) 0-1

Lourens van Veelen (1862) – Piet Reus (1859) ½-½
De tweede partij is er van een onverwacht korte duur. Piet Reus heeft alleen baat bij een overwinning, maar Lourens van Veelen is niet van plan om op remise te spelen. Er lijkt een verrassing in aantocht, want wit komt bepaald niet lekker uit de opening. De Andijker stukken staan beter, met name het loperpaar en de paarden. Ook kan een achtergebleven pion op e3 mogelijk een probleem zijn. Een paardruil op e4 lost dat op, omdat de half open e-lijn wordt gedicht. Consequentie is bovendien dat de diagonaal naar de witte pion op a2 zich opent. En dan valt heel snel de beslissing. Lourens valt met een paardzet de loper op e6 aan die op a2 inslaat. Het blijkt echter een giftige pion, want met 16. b3 sluit de witspeler de zwarte loper op. Piet valt met een damezet de b3-pion tweemaal aan, die zijn opponent evenwel simpel kan verdedigen. Bovendien heeft 17. Lc4 dubbele waarde: de loper en het paard op g5 kijken f7 aan. De Schaaklust-routinier dreigt materiaal te gaan verliezen, maar Lourens biedt heel sportief remise aan. De acceptatie gaat vergezeld van een felicitatie aan de nieuwe schaakkoning van Westfriesland.
Lourens van Veelen is de 32e kampioen. Sinds 1934 zijn er nu 63 kampioenschappen gehouden.

Lourens van Veelen (1862) – Piet Reus (1859) ½-½

Copyright © 2010 Westfries Schaakkampioenschap | Website realisatie: BeNancy Media