In de wolken

Posted by Co Buysman on 15 maart 2019 in Verslag |

Als de eerste zetten in de acht partijen voor de vierde ronde van het Westfries kampioenschap zijn gespeeld, ben ik in de wolken. Letterlijk en figuurlijk.

De terugreis als einde van een korte vakantie op Bonaire begint met een TUI-vlucht (nee, geen Boeing 737 MAX) van het eiland naar Curaçao. Rekening houdend met het tijdsverschil van vijf uur zit ik rond kwart over acht Nederlandse tijd hoog boven zee, op weg naar de landingsbaan in Willemstad. De rugleuning van de stoel voor me heeft een kleine computer die informatie geeft en entertainment. Dat laatste bestaat uit films, muziek en spellen. Bij ‘games’ moet je op een knop met een schaakfoto drukken, maar een schaakpartij kun je niet spelen. Wel patience, iets met een bowlingbaan en een onbekend spel. Het schaken blijft voor mij beperkt tot het denken over hoe het er in de speelzaal van Caïssa-Eenhoorn aan toe zal gaan.

Niet aanwezig zijn in De Kreek en toch op deze website het vierde verhaal en alle partijen van de vierde ronde. Ik ben figuurlijk in de wolken, omdat deelnemer en clubgenoot Robbert van Dijkhuizen de helpende hand heeft toegestoken. Hij heeft alle zetten verzameld, ingevoerd en per e-mail naar me toegezonden. In de afgelopen jaren hebben Nico Weel en ik als organisatoren wel vaker mogen rekenen op de begripvolle houding van de spelers, als er een probleem was ontstaan. Het leven is net als een schaakpartij: ieder probleem moet worden opgelost. En dat is steeds gebeurd, waardoor we – deelnemers en de mannen achter de schermen – het Westfries kampioenschap ondertussen een grote staat van dienst hebben kunnen geven.

En daar is in ieder geval een jaartje bij gekomen. Rob Bijpost (oud-Westfries kampioen, routinier van schaakclub Aartswoud en schaakhistoricus) heeft in 1989 een boek uitgebracht over de historie van het Westfries kampioenschap. Een prachtig naslagwerk dat een mooie indruk geeft van het evenement. Rob heeft indertijd, in het internetloze tijdperk, regelmatig het Westfries Archief bezocht en veel interessante gegevens boven water gehaald. Maar historisch onderzoek houdt nooit op, of het om geschreven teksten gaat of om bijvoorbeeld archeologie. Nieuwe ontdekkingen maken het beeld van het onderwerp weer iets completer.

De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag heeft een website – ‘www.delpher.nl’ – met inmiddels twaalf miljoen krantenpagina’s. Vlak voor het vertrek naar Bonaire las ik een nieuwsbericht op de website van het Westfries Archief. Onlangs zijn duizenden nieuwe pagina’s toegevoegd en daar zitten ook veel Westfriese bij. Het gaat om pagina’s uit de Hoornsche Courant, de Nieuwe Hoornsche Courant, Onze Courant en het Westfriesch Dagblad, eerst nieuws- en later dagbladen.

In het Westfries Archief zijn honderdduizend oude krantenpagina’s te lezen, maar dat kan alleen met behulp van een glasplaat onder een beeldscherm die een microfiche met zo’n dertig pagina’s vergroot. De collectie van de Westfriese bladen is overigens lang niet compleet. Zoeken naar informatie is monnikenwerk, maar dat is in een plezierige omgeving met behulpzame medewerkers geen last. Het voordeel van ‘www.delpher.nl’ is dat je met woorden als ‘schaken’, ‘schaakbond’, ‘schaakclub’, etc. gericht kunt zoeken. Vul dan ook de namen van de Westfriese kranten in, want daarmee schakel je uit dat de zoekmachine ook vele tientallen andere regionale media erbij pakt.

Een eerste inventaris leerde onder meer dat op donderdag 9 februari 1933 in Bovenkarspel de schaakclub OLIS (Ons Leus Is Schaken) is opgericht. Al snel speelde de vereniging een massakamp tegen de schakers van de Sint Jozefgezellen uit Hoogkarspel. Hoorn had naast Caïssa ook De Jonge Wacht. KTV en Schaaklust werden soms de Enkhuizer en de Andijker Schaakclub genoemd.

En zo komen we bij het volgende bericht in het Westfriesch Dagblad van woensdag 10 mei 1933, met als kop ‘Om het kampioenschap van West-Friesland’.

,,Zaterdag j.l. werd in de Oranjezaal te Enkhuizen het schaakkampioenschap van West-Friesland verspeeld. Na loting neemt de voorzitter van de schaakclub KTV te Enkhuizen, de heer D. Henstra, en de voorzitter van den West-Frieschen Schaakbond het woord. De voorzitter roept allen een hartelijk welkom toe, in het bijzonder hen die van buiten waren gekomen. Hij wijst er voorts nog op dat deze wedstrijd niet alleen moet dienen om fraaie prijzen te winnen, doch allereerst ons hier de gelegenheid geboden wordt een goede partij te kunnen spelen.
De eerste ronde ving te 2 uur aan, de tweede om kwart over vijf, de derde om half negen. De diverse spelers gaven elkander letterlijk niets toe, de stilte welke er heerschte, was reeds een bewijs dat allen in hun spel opgingen. Eenige partijen moesten bij arbitrage worden beslist en dit geschiedde op een manier dat de betrokken spelers er volkomen mee accoord gingen. Het loten om prijzen, hetwelk bij andere wedstrijden wel eens voorkwam, kon nu geheel achterwege blijven, daar er nu door niemand een gelijk aantal punten werd behaald.
De heer E. Groot te Enkhuizen wist na een zeer spannenden strijd het kampioenschap van West-Friesland te behalen. Hieronder volgt de volledige uitslag.
Hoofdklasse: 1e prijs E. Groot, Enkhuizen, kampioen W.-Friesland; 2e prijs S. Kroese, Enkhuizen.
1e klasse: groep A: 1e prijs K. Mantel Jbz., Enkhuizen; 2e prijs L. Davidson, Venhuizen. Groep B: 1e prijs A. v. d. Leek, Andijk; 2e pr. P. Smit, Opperdoes.
2e klasse: groep A: 1e pr. S. Sietses, Enkhuizen; 2e pr. W. Mantel Kz., Andijk. Groep B: 1e prijs P. Groot Sz., Andijk; 2e pr. D. Dijkman, Andijk.
3e klasse: groep A: 1e pr. D. Loots, Enkhuizen; 2e pr. R. Loots, Enkhuizen. Groep B: 1e pr. G. Mantel, Andijk; 2e pr. C. Gorter, Andijk.’’

Het bijzondere van dit bericht is dat Rob Bijpost en ik steeds zijn uitgegaan van 1934 als jaar van het eerste Westfries kampioenschap. De Westfriesche Schaakbond was in het najaar van 1932 gevormd op initiatief van Schaaklust vooral en kreeg steun van Caïssa en KTV. Drie spelers van de clubs (P. Velzeboer namens Caïssa, S. Sietses namens KTV en J. Vriend namens Schaaklust) en D. Appel uit Alkmaar – zijn familie komt uit Enkhuizen – als vierde man speelden op 2 april 1934 om de titel. Appel won. Dankzij de website van de Koninklijke Bibliotheek blijkt dus dat het Westfries kampioenschap een jaar ouder is.

Tijdens diezelfde eerste inventaris is tevens gebleken dat Caïssa niet in 1922 is opgericht, maar in 1923. Er is inmiddels een jubileumcommissie gevormd en een van de ideeën is het houden van een receptie. Uiteraard willen we dan alle buurverenigingen uitnodigen, maar zij moeten nu een jaar langer op de feestelijke borrel wachten, want we gaan die officiële bijeenkomst natuurlijk niet in 2022 laten plaatsvinden, maar in 2023.

Zo ver is het nog lang niet, eerst gaan we de 69e editie – dit is het gecorrigeerde aantal – van het Westfries kampioenschap afronden. Te beginnen met de partijen van de vierde ronde.

 

Marc Helder (2076) – Toine Molenaar (1778) 0-1

Als koploper in de interne van schaakclub Aartswoud sloeg Marc Helder vier avonden eerder een aanval van Toine Molenaar op zijn positie nog af, maar tijdens de vierde ronde van het Westfries kampioenschap lukt dat niet. De zwartspeler neemt tevens revanche voor zijn nederlaag met dezelfde kleur in de slotronde van het WFK van 2018.

Met 1. Pc3 probeert wit al meteen verwarring te zaaien, maar Toine is bezig aan een goed kampioenschap en speelt gezonde ontwikkelingszetten. Marc heeft niet gerokeerd en denkt na een afruil van veel lichte stukken op de koningsvleugel te kunnen aanvallen, als zijn opponent 27. … b5 speelt, gevolgd door 28. … c4. Na een pionnenruil krijgt Toine een vrijpion op d3 die wordt tegengehouden door de witte koning. De monarch geniet onvoldoende bescherming, daar de overgebleven stukken te ver van hem af staan. Zwart benut de open c-lijn optimaal voor een beslissende aanval. Met zijn overwinning heeft Toine na vier ronden evenveel punten als een jaar geleden na zeven ronden.

 

 

Peter Poncin (1963) – Tom Balla (1990) ½-½

Bij Peter Poncin weet je nooit waarmee hij zal openen, maar Tom Balla heeft voldoende ervaring en schaakkennis in huis om zich niet te laten verrassen. Zij delen het punt en zijn na de vierde ronde de enigen zonder nederlaag.

Een voordeeltje voor de teamleider van Caïssa-Eenhoorn kan zijn dat hij al twee titelconcurrenten heeft gehad. In een Benoni-variant moet zwart het initiatief aan zijn opponent laten, maar na de opening controleert Tom de stelling. Er volgt een ruil van elk een licht stuk en een toren. Een toreninval op a1 is voor Peter niet verontrustend. Hij speelt zijn dame naar e2 en zorgt voor voldoende druk op enkele pionnen om een aanval op zijn verzwakte d5-pion af te slaan. Meteen wordt de vrede getekend.

 

 

Robin Duson (1990) – Aris Ruijter (1649) 1-0

Robin Duson wil een goed Westfries kampioenschap spelen en begon de titelstrijd met verlies tegen Toine Molenaar. Haar zege op Aris Ruijter is de derde op rij en inmiddels is ze een van de vier koplopers.

Met veel pionzetten dringt wit haar opponent meteen terug. De zwartspeler, de revelatie in de eerste helft van het evenement, heeft kort gerokeerd en ziet de problemen toenemen bij het ontstaan van open g- en h-lijnen. Het Hoornse talent kiest voor de lange variant; op de damevleugel hoeft ze niet bang te zijn voor allerlei dreigingen en aanvallen.

Zorgvuldig spelend kan de Caïssa-Eenhoorn-speelster na een ruil van lichte stukken haar d-pion een veld opschuiven, waardoor een toren van Aris gevangen zit en hij de kwaliteit verliest. Vervolgens kan Robin de zwarte stelling van twee kanten bestoken: via de open g- en h-lijn en via de d-lijn. Een paar zetten later beseft Aris dat hij zijn eerste nederlaag niet kan voorkomen.

Een aardig detail is dat op de Internationale Vrouwendag Aris in de bondscompetitie van Waagtoren-talent Marit de Boer had verloren. Vier dagen later wil Robin, leeftijdgenote en regelmatig opponente van Marit, niet onderdoen voor haar.

 

 

Lukas Boots (1779) – Kevin Smit (1949) ½-½

Ietwat in de schaduw van de topklasseringen staat Kevin Smit. De Torenhoog-speler moet een halfje inleveren bij Lukas Boots, maar blijft een opponent om rekening mee te houden.

Lukas op zijn beurt draait met een score van vijftig procent goed mee. Na een remise in de tweede ronde tegen vice-kampioen Robbert van Dijkhuizen levert hij dezelfde prestatie tegen een speler die opnieuw een duidelijk hogere rating heeft.

In de Caro-Kann is er evenwicht tijdens de hele partij. Stapje voor stapje probeert wit zijn positie met name in het centrum te verbeteren, maar Kevin geeft geen krimp. Met zijn slotzet haalt Lukas de laatste loper van het bord en beseffen beiden dat met het zware materiaal en een paard in een stelling met veertien pionnen weinig aanknopingspunten zitten.

 

 

Rik Slaman (1838) – Roy Kerkhoven (1984) 0-1

Rik Slaman maakt na twee jaar afwezigheid zijn rentree en is bezig aan zijn elfde WFK, maar het wil nog niet erg vlotten. In een Siciliaan gaat hij tegen Roy Kerkhoven gelijkwaardig het middenspel in en bouwt vervolgens een mooie stelling op.

De clubkampioen van Caïssa-Eenhoorn heeft lang gerokeerd en lokt daarmee als het ware een stukoffer op b5 uit. Dat komt er, maar zwart geeft de buit snel terug. Dan heeft hij netto een pion achterstand, terwijl Rik dreigt om de kwaliteit te winnen. Zijn opponent staat dat toe om een aanvalsplan op de koningsvleugel uit te kunnen voeren. Met een dame op c6 en een loper op b7 zorgt hij voor druk op de g2-pion. Dat gevaar schat de witspeler niet goed in. Dat kost hem zijn dame en de partij.

 

 

Fred Avis (1917) – Emil Zaal (1830) 0-1

De spectaculairste partijen tijdens dit Westfries kampioenschap worden door Fred Avis gespeeld, maar de oud-voorzitter van de Noordhollandse Schaakbond schiet er niet veel mee op.

Tegen Emil Zaal haalt hij de Trompowsky-aanval van stal, inclusief een giftig paard. Dat staat onbeheerd op c4 en wordt door zwart met de dame opgepakt. Na 9. Tc1 blijkt echter dat het belangrijkste stuk van de Attaqueerder niet weg kan, op straffe van mat op c8. Emil beperkt de schade door op c1 te slaan, waardoor hij de dame heeft ‘geruild’ voor een toren en een licht stuk.

In het middenspel verslikt wit zich. Hij denkt de kwaliteit te winnen, maar daardoor zijn er geen vluchtvelden voor zijn aangevallen dame. Het is nu de beurt aan Fred om zijn dame te ‘ruilen’ voor een toren en een licht stuk en zo gaat hij met de kwaliteit voorsprong het eindspel in. In een gewonnen stelling levert de witspeler die in en met lopers van ongelijke kleur moet hij opeens vechten voor remise. Emil heeft vrijpionnen op de g- en h-lijn, zijn opponent op de b-lijn. Na een spannende fase lukt het zwart om naar mat toe te werken.

 

 

Rik van Ingen (1745) – Piet Reus (1849) 0-1

Hoewel Rik van Ingen voor de zevende en Piet Reus voor de zeventiende keer deelneemt aan het Westfries kampioenschap, hebben ze nooit tegen elkaar gespeeld. De primeur eindigt in een Andijker overwinning, waarmee Piet op een score van vijftig procent komt.

Wit wil het damegambiet spelen, maar zijn opponent gaat daar niet op in. Alle pionnen blijven tot de 25e zet op het bord. Dan staat Rik al verloren. Het gaat mis, als hij met h3 en g4 zijn verdediging verzwakt. De koning wordt naar f3 gelokt, met een toren op h1. Een loperschaak levert Piet op die manier kwaliteitswinst op. Wel moet zwart nog even aan de bak om zijn dame – die een aanvallende rol op de koningsvleugel heeft – op veilige velden te houden. Dat lukt en vervolgens speelt de routinier van Schaaklust de partij kundig naar winst uit.

 

 

Robbert van Dijkhuizen (1843) – Axel Zee (1595) ½-½

Axel Zee is van de nul af. Na drie verliespartijen houdt de WFK-debutant vice-kampioen Robbert van Dijkhuizen op remise. Het is een gedeeltelijke revanche voor de nederlaag in de NHSB-bondswedstrijd tegen Caïssa-Eenhoorn 3 een week eerder. Axel verloor aan het tweede bord van invaller Albert Noordhuis.

Robbert mist de vorm van een jaar geleden. Hij heeft de kwaliteit om in de bovenste regionen mee te draaien, maar op een nederlaag in de eerste ronde volgen drie halfjes en hij staat nu in de onderste helft. De subtop is overigens nog niet uit beeld.

In het vroege middenspel kan zwart de diagonaal naar f3 openen, waarmee hij na een ruil van lichte stukken de Caïssa-Eenhoorn-speler opzadelt met een dubbelpion op de f-lijn. Het wordt een korte partij. Wit kan wat gaten dichten in zijn defensie en op de zestiende zet tonen beiden zich tevreden met remise.

Copyright © 2010 Westfries Schaakkampioenschap | Website realisatie: BeNancy Media